Hans Kuijs Beeldend Kunstenaar

curriculum vitae

 

statement

 

links

 

contact

 
 

 

 

citaat uit: Hans Kuijs – Ibidem 2011

 

Podium DAK, Geldrop, 10 t/m 25 september  2011 Ibidem

 

In deze tentoonstelling staat één man centraal: Hans Kuijs.

 

Ruim zeven jaar geleden mocht ik op uitnodiging van Hans enkele woorden spreken bij zijn tentoonstelling ‘Zo ver het reikt…’ in het Stedelijk Museum Roermond (april 2004). Bij die gelegenheid heb ik mijn verwondering uitgesproken over het werk van Hans aan de hand van drie begrippen: ruimte, tijd en betekenis.

 

Nu, zeven jaar later, exposeert hij onder de titel ‘Ibidem’. Hij toont ons schilderijen, aquarellen, tekeningen en enkele ruimtelijke beelden.

En opnieuw wil ik mijn verwondering uitspreken.

 

Ten eerste over de titel van zijn expositie: Ibidem.

Ik heb mij erover verwonderd, zonder er met Hans over te hebben gesproken.

Ibidem is Latijn en betekent ‘aldaar’ of ‘ter zelfder plaatse’. Het is een woord dat hoofdzakelijk wordt gebruikt bij het aanhalen van boeken, artikelen en wetsartikelen. Ibidem fungeert dus als een verwijzing.

 

De vraag die ik mij stelde: Welke verwijzende functie kan Ibidem hier hebben?

 

Terzijde merk ik op dat het werk van Hans Kuijs moet worden gelezen. In onze poging het te begrijpen, zullen we het ter hand moeten nemen, bekijken en interpreteren. Dat dit lezen geen schrifttekens betreft, is niet ter zake; ook schrifttekens zijn vormen. Dit dus terzijde.

 

Nogmaals: Welke verwijzende functie kan Ibidem hier hebben?

 

Waar het mijn inziens om gaat, is dat Hans ons er met de titel Ibidem op attendeert dat wat hij hier in Geldrop toont niet op zichzelf staat.

Natuurlijk kunnen we elk beeld, elke aquarel en elke tekening als zelfstandige identiteit onderzoeken en bewonderen. Maar de interpretatie ervan is niet volledig als we dat specifieke beeld niet plaatsen in het grotere geheel van zijn oeuvre, van zijn tentoonstellingen en van alles wat daarmee samenhangt.

In mijn ogen is Ibidem een appel om verder te kijken dan deze tentoonstelling, en onze verwondering uit te breiden in tijd en ruimte.

 

Met die gedachte begint mijn twee verwondering.

 

Naar aanleiding van zijn verblijf in India, verscheen eerder dit jaar een fraaie publicatie gewijd aan de mens Hans Kuijs. De titel ervan luidt: ‘Ik ben….’; en pal daaronder ‘Hans Kuijs – India 2010’.

Pas in tweede instantie valt op dat de titel van de publicatie onderaan op de omslag doorloopt. De woorden ‘Ik ben’ krijgen daar een vervolg in de woorden ‘… de optelsom van wat ik maak’.

‘Ik ben…de optelsom van wat ik maak!’ Laat deze woorden op u inwerken.

 

Ik vind het verleidelijk om Ibidem te zien als een verwijzing naar dit statement: ‘Ik ben…de optelsom van wat ik maak!’

Maar er is meer!                                                                                                                                                                                    

Ik zei zojuist dat de publicatie gaat over de mens Hans Kuijs.

Mens… dat is meer dan kunstenaar.

 

Natuurlijk… Hans Kuijs is kunstenaar! Wat wij hier in Geldrop aanschouwen noemen wij kunst. En laat daar geen twijfel over bestaan. Dat is terecht!

Hans heeft het talent en het vermogen zijn verbeelding vorm te geven op een manier die niet alleen verwondering, maar ook bewondering verdient. Hij is er in geslaagd een beeldtaal te ontwikkelen die eigen is; een beeldtaal die is losgekomen van wat anderen doen.

Anders gezegd: Als we zijn werk willen beschrijven, kunnen we niet langer volstaan met te zeggen dat zijn beeldtaal lijkt op zus of zo, nee… elke tekening, elke aquarel etc. is onmiskenbaar Hans Kuijs. Weer anders gezegd: wie een soortgelijke beeldtaal hanteert loopt het risico te worden gezien als kopiist van Hans Kuijs, de kunstenaar. Wat wij hier in Geldrop aanschouwen is dus kunst.

 

Maar ik zie het al: Hans Kuijs is méér dan een kunstenaar, hij is mens!

 

In haar tekst bij de bewuste publicatie begint Gabi Stoffels, conservator van Museum van Bommel van Dam haar tekst met: ‘Ik ben… kunstenaar, filosoof, reiziger’. Het is mij niet duidelijk of het hier gaat om een citaat, maar de woorden doen recht aan de beelden en gedichten van Hans Kuijs die in deze publicatie zijn opgenomen. Kunstenaar, reiziger, filosoof of dichter… Hans Kuijs is mens. Vandaar de woorden: Ik ben…!

 

In mijn verwondering over het werk van Hans Kuijs en deze tentoonstelling doe ik daarom een suggestie: Ibidem verwijst naar het statement ‘Ik ben….’

 

Wat wij hier in Geldrop zien is een wijze van Zijn.

We zien gestolde handelingsenergie.

We zien ervaringsbeelden.

We zien uitingen en reflecties.

Wat wij zien is een neerslag van Hans Kuijs, van zijn bestaan als mens.

Het zijn grote woorden. Toch heb ik ze bewust gekozen.

 

Het is bij u wellicht bekend dat Hans Kuijs zich aangetrokken voelt tot het tantrisch boeddhisme, ook wel Vajrayana genoemd.

 

Ik ben niet de persoon om daarover veel te zeggen. Ik wil het tantrisme slechts aanraken met enkele daarvoor belangrijke noties. In dit verband noem ik ‘verlichting ‘, ‘inzicht’ , ‘oorzaak en gevolg’ en ‘ervaring’.

 

Als ik de beschrijvingen van het tantrisch boeddhisme volg, staat in zijn filosofisch-religieuze wereld niet het geloof, maar vooral de ervaring centraal. Via de ervaring verwerft de mens inzicht in onbevreesde wijsheid, spontane vreugde en daadkrachtige liefde. En via ervaring kan de mens zich het meest direct identificeren met verlichting.

 

In het gesprek dat ik voorafgaand aan deze tentoonstelling met Hans Kuijs heb gevoerd, werd mij duidelijk hoezeer zijn beelden verbonden zijn met de ontologische vragen die Hans Kuijs bezighouden, met zijnsvragen én met zijn ervaringen als mens.

 

Hans Kuijs is ervan overtuigd dat handelingen ertoe doen en betekenisvol zijn.

De handeling biedt mensen mogelijkheden om het Zijn ontraadselen  – of wellicht beter: de illusie van het Zijn.

Dat wordt duidelijk wanneer we zijn handelingen opvatten als energieke momenten, ingeklemd tussen oorzaak en gevolg.

In die handelingsenergie vallen bewuste en onbewuste ervaringen van tijd en ruimte samen.

In die handelingsenergie kunnen denken en voelen een weg vinden.

Zuivere handeling is dan altijd een pure uiting van Zijn.

 

Daarom kan Hans Kuijs zeggen: Ik ben… wat ik maak.

Zijn schilderen en tekenen zijn een neerslag van wie hij is.

Natuurlijk als kunstenaar, maar vooral ook als mens!

 

Zijn huidige voorkeur voor aquarel als medium, kan niet los worden gezien van zijn wens om het beeld dat door zijn handeling tot stand komt zuiver te houden.  Anders dan het schilderen met olieverf, staat aquarelleren geen correctie toe. In die zin is de aquarel een eerlijke neerslag van de handeling die eraan ten grondslag staat. Het is een pure neerslag van Zijn.

 

En wij?

U en ik kunnen ons verwonderen over het werk van Hans Kuijs

Wij kunnen ons verwonderen over de kleuren, de vormen en de motieven.

Wij kunnen ons verwonderen over de zichtbare verbeeldingskracht

Wij kunnen ons verwonderen over de kunstenaar Hans Kuijs

En wij kunnen ons verwonderen over de mens Hans Kuijs

 

En als ik het goed zie, krijgt in die verwondering de handelingsenergie van Hans Kuijs een vervolg.

De in zijn beelden neergeslagen handelingsenergie wordt oorzaak van nieuwe ervaringen. Ervaringen van u en mij.

 

Ik nodig u daarom van harte uit de tentoonstelling te gaan bekijken, en u te verwonderen over het werk en de mens die dit alles mogelijk maakte: Hans Kuijs.

 

Drs.Ulco Mes, Kunsthistoricus ©